Hoe werd het ontwikkeld?

Het zorgprogramma werd zorgvuldig ontwikkeld en getest door de onderzoeksgroep Zorg rond het Levenseinde in samenwerking met de afdeling geriatrie van UZ Gent

De ontwikkeling van het zorgprogramma laatste levensdagen maakte deel uit van het 4 jaar durend SBO/IWT-project FLIECE: Flanders Study to Improve End-of-Life Care and Evaluation tools en werd op een zeer grondige manier ontwikkeld en getest volgens de fasen van het Medical Research Council (MRC) Framework.

Het programma werd ontwikkeld op basis van een vergelijkende studie van bestaande zorgprogramma’s. Die beogen de ‘ideale’ zorg tijdens de laatste levensdagen, zoals ze in palliatieve zorgsettings verleend wordt, over te brengen naar andere settings, zoals ziekenhuizen.

Na een literatuurstudie naar factoren die belangrijk zijn voor een goede implementatie werd het zorgprogramma in samenwerking met geriaters en verpleegkundigen aangepast en verfijnd om toegepast te kunnen worden binnen de setting van de acute geriatrie.

Pilootstudie op de afdeling geriatrie van UZ Gent

De haalbaarheid van de implementatie van het zorgprogramma werd vervolgens uitgetest op de ziekenhuisafdeling geriatrie van het UZ Gent, op basis waarvan het verder verfijnd kon worden.

Cluster gerandomiseerde proef in 10 ziekenhuizen

In een volgende fase werd de effectiviteit van het zorgprogramma bestudeerd aan de hand van een cluster gerandomiseerde proef. Deze RCT-studie is één van de weinige cluster gerandomiseerde studies naar het effect van zorgprogramma’s aan het levenseinde en bovendien de eerste studie naar het effect van zulk een zorgprogramma op de acute geriatrie. Een éénjarig onderzoeksproject bij Kom op tegen Kanker (KOTK) stond ons toe de verzamelde data van de cluster RCT te analyseren en resultaten te rapporteren.

Deze eerste robuuste studie naar het effect van een zorgprogramma voor de laatste levensdagen voor de acute geriatrie vond een statistisch en klinisch significante verbetering van de primaire uitkomstmaat: het comfort tijdens de stervensfase gaat erop vooruit door implementatie van het programma. Er is ook een duidelijk positief effect op de symptomen en zorgbehoeften van de stervende patiënten.

De verschillende componenten van het zorgprogramma zijn gericht op het verbeteren van de communicatie tussen de stervende persoon, zijn naasten en de betrokken hulpverleners en op het stoppen van mogelijk ongepaste medicatie en interventies, alsook op het verbeteren van symptoomcontrole. Uit de studie blijkt dat deze middelen de zorgverleners helpen bij het leveren van goede levenseindezorg. De zorgleidraad, gebaseerd op multidisciplinaire levenseindezorg, ondersteund door intensieve training, verschillende brochures en documentatie en ondersteuning door het PST resulteren in beter gestructureerde zorg.

 
Share this
Deel dit bericht